Column

Speciaal Portret.

Door Albèr
Kwart over tien. Precies op tijd voor het interview voor ons clubblad Hanzemare. Ik bel aan en zie op het naamplaatje een naam die niet overeenstemt met de naam van de persoon met wie ik een afspraak heb. Zou ze hier incognito wonen? Ik moet even wachten en kijk wat rond. Lees verder...

Lees column
Finish

door Feikje Breimer
Korte afstanden leveren vaak opvallende lopers op. Zou het aan de afstand liggen dat lopers als Usain Bolt nu of Florence Griffith wat langer geleden opvallend gedrag vertonen? Florence was niet alleen wereldrecordhoudster op de 100 en 200 meter, ze had een uitermate opvallende kledingstijl zowel op als buiten de baan. Usain weet van iedere 100 meterwedstrijd een media show te maken met zijn dansjes en handgebaren. Maar toptijden lopen ze. Alleen is zo’n 100 meter zo snel voorbij. Lees verder..
Lees column
Vakantie

Door Ingrid 
Het is nog zonnig, maar aan mijn rechterkant trekt de lucht al dicht met wolken en waarschijnlijk regen, zoals voorspeld. Met 2 weken vakantie heb ik de vrijheid om te lopen wanneer het uitkomt, nu bijvoorbeeld tussen de buien door. Wel zaak om de buienradar in de gaten te houden en vooral veel naar buiten te kijken. Een aantal weken terug was het wel duidelijk wanneer ik het beste kon gaan rennen. ’s Morgens vroeg vanwege de warmte en eigenlijk ook vanwege de volle agenda. Maar zelfs ’s morgens was het al vaak warm en zelfs benauwd, geen afkoeling tijdens de nachten. Daarvoor liepen we nog te mopperen op de regen en de lage temperaturen voor de tijd van het jaar. De tegenstellingen konden niet groter. Lees verder...
Lees column
Gebeurtenissen

Er lang over nadenken heeft geen zin, vind ik, maar het is toch wel héél lang geleden dat ik een column voor deze plek heb ingeleverd. Een verklaring heb ik dus niet, het is meer dat het mezelf ook verbaasd; in de tussentijd heb ik toch genoeg gedaan en meegemaakt om over te schrijven. Lees verder..
Lees column
username:
password:
Trainen volgens de duurmethode houdt in dat je looptraining niet wordt onderbroken door rustpauzes. De trainingsmiddelen in deze methode bestaan uit continue doorlopen. Op basis van intensiteit kun je drie duurlooptempo’s in je trainingsschema’s tegenkomen:

a. Duurloop 1
b. Duurloop 2
c. Duurloop 3

Duurloop 1
Dit is de duurloopvorm, waarbij je in het laagste looptempo loopt.
De Intensiteit bedraagt 65-75% van je maximale hartfrequentie.
De afstand varieert tussen de 5km en 40 km.
Het fysiologisch effect is de verbetering van de vetzuur verbranding zodat deze een hoger aandeel in de energieleverantie krijgt.

Bij ervaren lopers worden duurlopen 1 met een korte duur meestal op de dag na een zware looptraining of wedstrijd gedaan als actief herstel. Lange duurlopen 1 worden vaak toegepast in de voorbereiding op een marathon. Als beginnende hardloper gebruik je deze training om  langer achter elkaar te kunnen lopen.

Duurloop 2
Dit is het middelste duurlooptempo.
De loopintensiteit bedraagt 75-85% van je maximale hartfrequentie.
De afstand varieert tussen de 5km en 30km.
Dit is de duurloop die het meest wordt toegepast.
Deze duurloopvorm wordt gebruikt om de omvang van de training op te bouwen.

Duurloop 3
Dit is het snelste duurlooptempo. Een andere veelgebruikte naam voor deze duurloopvorm is tempoduurtraining.
De loopintensiteit bedraagt 85-90% van je maximale hartfrequentie.
Het looptempo benadert bij gevorderde lopers het tempo dat ze bijna 1 uur kunnen volhouden in een wedstrijd of trimloop. Bij minder ervaren lopers worden als variatie, tijdens een duurloop 1 korte intervallen gelopen in duurloop 3 tempo.

Overige duurloopvormen
De duurloopvormen 1-2-3 worden, om een variatie in trainingsprikkels te geven, afgewisseld met de volgende trainingsvormen:

a.       Interval duurloop
b.       Duurloopwisseltempo
c.       Climaxduurloop

Met de inpassing van deze duurloopvormen wordt voorkomen dat er teveel eenzijdig getraind wordt en daardoor een vermindering van het trainingseffect zou kunnen ontstaan.

Ad a. Interval duurloop
Hierbij wordt tijdens een duurloop afwisselend van tempo veranderd. Een duurloop wordt dan op gevoel in blokken van 2 tot 5 minuten ingedeeld.

Ad b. Duurloopwisseltempo
Dit is een trainingsvorm waarin er een afwisseling plaatsvindt in de duurloopvormen 1-2-3. Een training ziet er dan bijvoorbeeld als volgt uit:
2-2-2-2-2  km en het duurloop tempo 1-2-3-1-3.

Ad c. Climaxduurloop
Hier wordt begonnen met het langzaamste duurlooptempo en eindigt men met het snelste tempo. Door de geleidelijke opklimmende intensiteit wordt er naar het einde van deze trainingsvorm op een hoog percentage van de maximale zuurstof opname gelopen. Dit is een belangrijke eigenschap voor marathonlopers.

© ProRun

Hardlopen, biomechanica en inspanningsfysiologie praktisch toegepast / druk 1<br>Frans Bosch
Hardlopen, biomechanica en inspanningsfysiologie praktisch toegepast / druk 1
Frans Bosch